bootstrap modal

Onstaan van de Naam Hobsor

Niemand weet echter vandaag nog exact hoe de naam HOBSOR ontstaan is. 

Verschillende meningen werden hierover reeds geopperd. Een aanvaardbare, maar niet bevestigde uitleg is de volgende:

De naam van de gemeente werd door de oprichters van “Brasserie Verhaert-Frères” tussen 1892 en 1931 zeker gebruikt 

om de herkomst van hun bier te benoemen.

Men kan dus bijna zeker stellen dat hun product HOBOKEN’S – blond, -export,-bier enz. genoemd werd.



Men kan dus bijna zeker stellen dat hun product HOBOKEN’S – blond, -export,-bier enz. genoemd werd.

Het woord Hoboken met zijn drie lettergrepen viel zeker te lang uit bij het bestellen en werd waarschijnlijk ingekort tot HOB’S.

Deze naam is daadwerkelijk aanwezig op flessen, pinten en reclame artikelen en reclame borden uit die tijd en later.

Later werden ook pater en andere bieren gebrouwd.

Om de kleur van het nieuwe bier te onderstrepen en omdat het gebruik van de namen “GOUD”, “GOLD”, “OR”, als voor- of achtervoegsel toen populair én de brouwers waren van francofone afkomst,ligt het voor de hand dat HOB’S aangevuld werd tot : 

HOBSOR zijnde ..... het goud van Hoboken.

Vermits zij, die de naam gecreëerd hebben,reeds lang overleden zijn, blijft het echter bij gissen.

Gezien de ruimtelijke mogelijkheden waren er zeer veel maatschappijen en verenigingen gevestigd.

Er was er een boogschutterclub, die vooral oefende op een permanent geïnstalleerde liggende wip. 

Het eerste bekende gebruik van vuurwapens dateert uit de oorlogsjaren 40-45 toen tijdens de Duitse bezetting 

de weerstanders zich in het geheim oefenden in het hanteren van revolvers en pistolen, in de kelder van de brouwerij.

Als schietbaan werd de kolenkelder gebruikt en de aanwezige kolenhoop werd als kogelopvang ingezet.

Sinds 1932 werd het café uitgebaat door Karel Goosens. De man was een zeer pittoreske figuur, rond en dik van eten en drinken en altijd klaar voor een partie plezier.

Op deze manier werd hij een echte verschijning en maakte dus reclame voor de brouwerij als boegbeeld.

Zijn beeltenis prijkte op pinten,flessen, asbakken enz.

In het café werd zelfs een glasraam in een deur gezet met dezelfde afbeelding.

Dikke Charel en zijn echtgenote kregen in 1925 een dochter, Maria en een zoon Jan als nakomer in 1938.

Hij was in heel Hoboken en ver daar buiten gekend en bekend als “Dikke Charel”.

Gekleed in gele strepen broek en blauwe vest, aan de arm een wandelstok, in de andere hand een grote pint bier en op het hoofd een strooien hoed, was hij te zien in alle mogelijke optochten en uitstappen van de harmonie.

De dochter huwde na de oorlog met Alfons Robyn gewapend weerstander en zoon van vleeswaren fabrikant in de Leopoldlei te Hoboken. Alfons Robyn was reeds voor de oorlog een liefhebben van de luchtkarabijn en oefende in de inrijpoort van vaders onderneming. 

Na zijn huwelijk zal hij deze activiteit wel hebben willen voortzetten in het lokaal van zijn schoonvader. Waarschijnlijk heeft hij in het café mensen ontmoet met dezelfde hobby. 

Samen met Rik Larnoe, fietsenmaker in Hoboken en Jaak Wijns, garagehouder in Deurne 

hebben zij op 1 Juni 1959 “HOBSOR pistool en karabijn schuttersgilde” opgericht. 

Het was blijkbaar hun eerste schot in de roos, want na meer dan 55 jaar bestaat de club nog steeds en afgaande op het aantal leden en de accommodatie in fort 8, is ze nog steeds in volle bloei.

Vroeger was er een lied dat over het café en het bier Hobsor ging.